Zeeduivel

Foto: Matthias Wendt / www.media-army.de
Foto: Matthias Wendt / www.media-army.de

Latijnse naam: Lophius piscatorius
In het Noors: Breiflabb

Leefgebied: Ze zien eruit als overblijfselen uit de prehistorie. En veel sportvissers, die ooit het geluk hadden om een van deze vissen te vangen, zullen zich afgevraagd hebben: Kun je deze vis aanpakken, laat staan eten? Ja, dat kan! De zeeduivel is zelfs een van de lekkerste vissoorten die in de kustwateren en de fjorden van Noorwegen voorkomen. Vooral in Zuid-, West- en Midden-Noorwegen, maar hij komt ook noordelijker voor. Het is een roofdier dat op allerlei bodems te vinden is en daar aast op zijn prooi, die voornamelijk bestaat uit platvis, roggen, poon, kabeljauw en andere bodemvissen. Wat de waterdieptes betreft, pas hij zich goed aan. Hij wordt gevonden in ondiep water van 20 tot 30 meter en ook op dieptes van 150 of zelfs 200 meter.

Grootte: Het Noorse record van 57,5 kilogram werd april 1996 in de Fuglsetfjord (Sognefjord) door een Noorse sportvisser gevestigd. Maar deze vissen kunnen nog aanzienlijk groter worden. Zo ving een Noorse beroepsvisser uit Leknes, Hordaland (West-Noorwegen) in februari 2010 een zeeduivel van maar liefst 99,4 kilogram.

Vismethoden: Zeeduivels worden meestal gevangen door toeval bij het pilkeren, diepzeevissen of vissen met natuurlijk aas. Een gerichte visserij op deze vis is bijna onmogelijk.

Aas: Pilkers en natuurlijk aas.

De beste vistijd: Het hele jaar door.

Paaitijd: April tot juni.